Inclusie in de praktijk: lessen uit de gemeente Zaanstad
Inclusie is een begrip dat steeds vaker op de werkvloer terugkomt. Maar hoe maak je het meer dan een abstract ideaal? De gemeente Zaanstad werkt hier hard aan. Ze maken inclusie tastbaar met concrete initiatieven en persoonlijke verhalen. Faruk Acar heeft een visuele beperking en spreekt met Alice Hornick, programmamanager Diversiteit en Inclusie, en John Simons, gebiedsmanager Zaandam Oost en ervaringsdeskundige. Ze vertellen over de uitdagingen en inzichten rondom inclusie op de werkvloer binnen de gemeente.
Bewustwording begint bij verhalen
John is slechtziend. Hij vertelt hoe zijn beperking collega's bewuster heeft gemaakt van inclusie. "Ik kan moeilijk uitleggen wat ik precies zie," vertelt hij. "Soms zien mensen niet aan mij dat ik slechtziend ben, maar wanneer ze het ontdekken, worden ze bewuster in hoe ze communiceren en samenwerken." Tijdens een simulatie binnen de organisatie konden collega's ervaren wat het betekent om slechtziend te zijn. "Wanneer mensen begrijpen wat slechtziendheid betekent, worden ze attenter in hun communicatie en samenwerking."
Persoonlijke verhalen zijn belangrijk volgens Alice. “We hebben verhalen gedeeld van collega’s met diverse achtergronden en uitdagingen. Of het nu gaat om slechtziendheid, neurodiversiteit of persoonlijke omstandigheden. Verhalen helpen mensen niet alleen bewust te worden, maar ook om verschillen te omarmen en samenwerking te verbeteren."
Inclusief leiderschap: bespreekbaarheid centraal
Inclusief leiderschap is volgens Alice en John onmisbaar om een inclusieve werkcultuur te creëren. "Het begint met het stellen van open vragen," legt Alice uit. "Een leidinggevende moet durven vragen: Hoe gaat het met je? Wat heb je nodig? En dat in een veilige omgeving, zonder dat het te persoonlijk wordt." Toch is dat niet vanzelfsprekend. "Veel leidinggevenden vinden het lastig om persoonlijke onderwerpen aan te kaarten," vertelt John. "Maar juist door dat wél te doen, toon je begrip en geef je collega’s de ruimte om hun uitdagingen te delen. Het gaat niet om wat iemand niet kan, maar om wat iemand wél kan."
Van praktische aanpassingen naar mentale verandering
Inclusie is terug te zien in de dagelijkse praktijk. Zo heeft de gemeente haar wervings- en selectieproces aangepast: competenties staan centraal en iedere kandidaat krijgt dezelfde vragen om vooroordelen te verminderen. Daarnaast worden fysieke en digitale werkomgevingen steeds toegankelijker gemaakt, bijvoorbeeld door documenten te optimaliseren voor voorleesfuncties en aandacht te besteden aan leesbaarheid.
Hoewel praktische aanpassingen belangrijk zijn, ligt de grootste uitdaging volgens John in gedrag en cultuur. Hij vertelt hoe hij een keer een flyer ontving die niet toegankelijk was voor slechtzienden. "Dat zette ons aan het denken: hoe maken we onze communicatie inclusiever?"
Inclusie vraagt ook om bewustwording van de impact van beperkingen. John vertelt over zijn burn-out een aantal jaar geleden: “de bedrijfsarts vroeg of het wellicht iets met mijn ogen te maken zou kunnen hebben. Ik had er nooit bij stilgestaan dat dit wel eens zo zou kunnen zijn. Ik gebruik veel hulpmiddelen, zoals spraaksoftware, maar mijn hersenen draaien soms overuren om alles te verwerken. Dat heeft me bewust gemaakt van het belang van balans.”
Op weg naar een inclusieve toekomst
Alice benadrukt dat iedereen anders is en dat het niet uitmaakt wat er anders is aan iemand. “Het gaat erom dat iedereen die ruimte ervaart.” John sluit zich hierbij aan: "Diversiteit is niet altijd zichtbaar, en ook die bewustwording is erg belangrijk.”
Het erkennen van verschillen en het benutten van de kracht die daarin schuilt, vormt de basis voor een inclusieve organisatiecultuur. Door kleine, bewuste stappen te zetten, zoals verhalen delen en leiders trainen, werkt de gemeente Zaanstad aan een cultuur waarin inclusie vanzelfsprekend is.